Ga naar de inhoud

Moties voor energiegemeenschappen ingediend en omarmd!

“Warmtegemeenschappen? Dat moet wel het woord van de week zijn.”

Met die woorden zorgde burgemeester Schouten tijdens de raadsvergadering voor een glimlach. En helemaal uit de lucht kwam die opmerking niet vallen. Want energiegemeenschappen stonden deze week stevig op de Rotterdamse politieke agenda.

Ronald Franken sprak namens Energie van Rotterdam en de zeven Rotterdamse energiecoöperaties in bij de gemeenteraad. Zijn boodschap: in de wijken gebeurt al veel. Nu is het tijd om door te pakken.

Rotterdamse energie, van Rozenburg tot Prins Alexander

Meer dan duizend Rotterdammers zijn inmiddels aangesloten bij de zeven energiecoöperaties. Bewoners, vrijwilligers en lokale ondernemers werken samen aan energie die niet alleen lokaal wordt opgewekt, maar ook lokaal iets oplevert. En dat gebeurt al volop. In Rotterdam beheren de coöperaties samen zestien grote collectieve zonneprojecten in lokaal eigendom. Ze organiseren duurzaamheidsmarkten en gezamenlijke inkoopacties, helpen bewoners met isolatie en ondersteunen nieuwe initiatieven in buurten.

Dit jaar worden samen met lokale partners bovendien 21 energiegemeenschappen ondersteund. En er liggen nog veel meer kansen. Denk aan zon op VvE’s, energie delen, buurtbatterijen, warmte en elektrisch vervoer. Allemaal ontwikkelingen waarbij bewoners niet alleen meepraten over de energietransitie, maar er zelf onderdeel én eigenaar van worden.

Ronald vatte het tijdens zijn inspraak mooi samen:

“Zo wordt de energietransitie iets van de Rotterdammers zelf, in plaats van iets wat hen overkomt.”

Mooie woorden zijn niet genoeg

Dat energiegemeenschappen en lokaal eigendom voor het eerst expliciet in het Rotterdamse coalitieakkoord staan, is goed nieuws. Maar beleid op papier is pas het begin. In de praktijk lopen energiecoöperaties nog tegen obstakels aan. Ondersteuning is vaak tijdelijk, nieuwe initiatieven hebben moeite om financiering te vinden en gemeentelijke procedures sluiten niet altijd goed aan op lokale projecten.

Daarom legde Energie van Rotterdam vier concrete voorstellen bij de raad neer:

  • 1. meer kansen voor lokaal eigendom bij grote zon- en windprojecten;
  • 2. structurele ondersteuning én financiering voor energiegemeenschappen;
  • 3. gemeentelijke daken beschikbaar maken voor collectieve zonneprojecten;
  • 4. meer ruimte en ondersteuning voor warmtegemeenschappen.
En toen kwam er beweging

De oproep bleef niet bij mooie woorden. Verschillende voorstellen kwamen terug in moties in de gemeenteraad – en daar werd ook daadwerkelijk over gestemd.

De motie over warmtegemeenschappen werd omarmd door de wethouder. Ook de motie over de verdere ontwikkeling en ondersteuning van energiegemeenschappen, inclusief financiering, kreeg steun.

En de stemming laat mooi zien dat energiegemeenschappen inmiddels breed op de politieke agenda staan.

Hieronder zie je hoe de gemeenteraad over de moties stemde.

Bovendien kwam er een belangrijke toezegging: de gemeente gaat voortaan bijhouden hoeveel zon-op-dakprojecten in Rotterdam daadwerkelijk in lokaal eigendom zijn. Zo wordt zichtbaar of de ambitie voor lokaal eigendom ook echt resultaat oplevert.

Daarnaast werd een motie ingediend voor de verdere ontwikkeling van energiegemeenschappen. Daarin wordt onder meer gevraagd om een gezamenlijke visie met de energiegemeenschappen zelf, structurele ondersteuning en voldoende financiële ruimte om nieuwe én bestaande initiatieven verder te laten groeien.

Nu doorpakken

Dat is precies waar Energie van Rotterdam de komende tijd mee verder wil. Samen met de gemeente, de wethouder en de politieke partijen willen we zorgen dat energiegemeenschappen niet alleen een mooie ambitie blijven, maar steeds meer onderdeel worden van hoe Rotterdam zijn energie organiseert. Want de kennis, plannen en energie zijn er al. In de buurten, bij bewoners en binnen de coöperaties.

De inspraak werd dan ook als volgt afgesloten:

“We zien de uitgestoken hand in dit coalitieakkoord. En wij willen deze graag aannemen. Wij zijn er klaar voor, want nieuwe energie begint in de wijk.”